De grootste kennisbank van het HBO

Inspiratie op jouw vakgebied

Vrij toegankelijk

Deel deze publicatie

Regiomonitor Drugs en Risicojongeren

Antenne '25-'26 Nederland

Open access

Regiomonitor Drugs en Risicojongeren

Antenne '25-'26 Nederland

Open access

Samenvatting

In deze vijfde regiomonitor spreken preven tiewerkers opnieuw met jongerenwerkers over de leefwereld van risicojongeren, met bijzondere aandacht voor middelengebruik en – voor het eerst – gokken. De signalen uit het werkveld laten een veelzijdig beeld zien van middelengebruik in uiteenlopende contexten: in zowel stedelijke als landelijke gebieden en verspreid over verschillende regio’s in Nederland. Hoewel de groepen jongeren waarover professionals rapporteren op diverse punten van elkaar verschillen, zijn er ook duidelijke overeenkomsten zichtbaar in hunmiddelengebruik. Factoren zoals subcultuur, muziekvoorkeur, culturele achtergrond en regionale context blijken van invloed op de keuze voor bepaalde middelen. Tegelijkertijd valt op dat vrijwel alle groepen een groot deel van de – voornamelijk illegale – middelen verkrijgen via sociale media zoals WhatsApp, TikTok en Signal. Door de snelle ontwikkelingen en het brede aanbod op de Nederlandse drugsmarkt is het onderscheid tussen stad en platteland bovendien steeds kleiner geworden: ook jongeren in landelijke gebieden hebben makkelijk toegang tot een ruime variatie aan middelen. De monitor richt zich op het signaleren van nieuwe ontwikkelingen in middelen gebruik. Tijdens de tweede meting in de coronaperiode (2020–2021) hadden de beperkende maatregelen een duidelijke invloed op gebruikspatronen. Partydrugs zoals ecstasy en amfetamine verloren aan populariteit, terwijl lachgas verder toenam en bij sommige groepen problematischer werd. In de derde meting (2022–2023) maakte ecstasy een voorzichtige comeback, nam het lachgasgebruik af en werd een sterke opkomst van 3-MMC en vapes gesignaleerd. In de vierde meting (2023–2024) zette de verspreiding van 3-MMC verder door ten koste van amfetamine en cocaïne, terwijl ketamine geleidelijk populairder werd. In deze vijfde meting onderzoeken we in hoeverre deze trends zich voortzetten: blijft het gebruik van ketamine toenemen, de vraag naar 3-MMC na de invoering van generieke wetgeving bestaan, en hoe ontwikkelt de nicotinemarkt zich verder? Hoofdstuk 1 beschrijft de methodologische aanpak van het onderzoek, waaronder de geografische spreiding, de selectie van professionals en de specifieke groepen risicojongeren die centraal staan. In hoofdstuk 2 worden groepskenmerken besproken, zoals leeftijd, etniciteit, sekse, onderwijs, werk, thuissituatie en woonomgeving. Hoofdstuk 3 gaat in op psychosociaal gedrag, overlast en verschillende vormen van delinquentie. In hoofdstuk 4 en 5 staat de drugscultuur in steden en dorpen centraal en wordt middelengebruik geanalyseerd aan de hand van vier profielen: eigenheimers, ‘gangsta’s’, expressionisten en getroebleerden. De hoofdstukken 6 tot en met 11 behandelen achtereenvolgens alcohol, nicotine, cannabis, stimulantia, narcose middelen en overige middelen. In hoofdstuk 12 worden professionals – jongerenwer kers, preventiewerkers en behandelaars – voor het eerst bevraagd over kansspelen onder jongeren en jongvolwassenen en de risico’s die daarmee samenhangen. Tot slot bespreekt hoofdstuk 13 de hulpverlenings- en preventieactiviteiten rondom middelen gebruik en de mate waarin deze als effectief worden ervaren. Hoofdstuk 14 sluit af met de belangrijkste conclusies

Toon meer
Organisatie
Jaar2026
Type
TaalEngels

Op de HBO Kennisbank vind je publicaties van 26 hogescholen

De grootste kennisbank van het HBO

Inspiratie op jouw vakgebied

Vrij toegankelijk