Staat van circulair ondernemen: 2026
Staat van circulair ondernemen: 2026
Samenvatting
Dit rapport analyseert de staat van circulair ondernemen in Nederland in 2025 vanuit een economisch en strategisch perspectief, op basis van de Circulaire volwassenheidsmeting (CVM) en interviews met publieke en private organisaties.
1. Van ecologische ambitie naar economische noodzaak
Circulariteit ontwikkelt zich van een primair milieudoel tot een strategisch instrument voor economische weerbaarheid. De urgentie verschuift naar leveringszekerheid, grondstoffenschaarste, kostenbeheersing en risicoreductie. Organisaties zetten circulariteit steeds vaker in om concurrentiekracht en continuïteit te versterken, in plaats van uitsluitend vanuit intrinsieke motivatie.
De resultaten van de Circulaire Volwassenheidsmeting bevestigen dat economische en geopolitieke motieven prominenter worden. Circulariteit is daarmee minder een idealistisch streven en meer een randvoorwaarde voor toekomstbestendig ondernemerschap.
2. Stijgende volwassenheid, beperkte executie
De gemiddelde circulaire volwassenheid stijgt licht naar 2,86 uit 5 (+3% t.o.v. 2024). Vooral op strategie en producten dienstontwikkeling is vooruitgang zichtbaar. Ruim 80% van de ondervraagden geeft aan dat circulariteit stevig op de strategische agenda staat. De vertaalslag naar concrete implementatie met meetbare doelstellingen, uitgewerkte plannen en schaalbare verdienmodellen blijft echter achter. De focus ligt vooral op materiaalbehoud en levensduurverlenging; de omzetpotentie wordt nog onvoldoende benut.
3. Economische kansen erkend, systeemverandering nodig
Bedrijven zien circulariteit steeds vaker als bron van concurrentievoordeel en kostenbesparing. Tegelijkertijd ervaren zij diverse barrières: investeringsonzekerheid, kennisgebrek, beperkte capaciteit, complexe regelgeving en onvoldoende marktvraag. Deze barrières overstijgen het individuele handelingsvermogen. Versnelling vraagt om samenhangende interventies vanuit overheid, markt en kennisinstellingen. Circulariteit is een systeemvraagstuk.
4. Regio als motor van versnelling
De voortgang van circulariteit wordt sterk bepaald door het regionale ecosysteem. Omdat regelgeving en markten nog lineair zijn ingericht, is regionale samenwerking cruciaal. Het Rijk geeft richting, provincies verbinden en gemeenten scheppen randvoorwaarden. De uitvoeringskracht ontstaat echter in de regio, bij ondernemers en ketenpartners. Naarmate initiatieven volwassen worden, groeit ook de noodzaak om regio-overstijgend samen te werken, aangezien waardeketens niet aan regiogrenzen gebonden zijn.
| Organisatie | |
| Afdeling | |
| Lectoraat | |
| Jaar | 2026 |
| Type | |
| Taal | Nederlands |






























